HOME VOOR WIE ADVIESDIENSTEN NIEUWS KLANTEN CONTACT





Ontwerp-Richtlijn 271.3

Op 2 februari 2009 heeft de Raad voor de Jaarverslaggeving (RJ) een ontwerp-Richtlijn gepubliceerd over pensioenregelingen en andere uitkeringen na afloop van het actieve dienstverband (denk aan VUT en non-activiteitsafspraken). Deze ontwerp-Richtlijn is een trendbreuk met de huidige Richtlijn 271. In het kort komt het erop neer dat de, vanuit de Angelsaksische wereld overgewaaide, risicobenadering wordt vervangen door een verplichtingenbenadering die volgens de RJ beter aansluit bij de specifieke situatie van ons Nederlandse pensioenstelsel. Consequentie hiervan is meerledig. Een korte samenvatting, puntsgewijs:

1.    De noodzaak tot het kwalificeren van een pensioenregeling vervalt. Onder de huidige richtlijn diende iedere pensioenregeling gekwalificeerd te worden als een toegezegd pensioenregeling (defined benefit, DB) of een toegezegde bijdrageregeling (defined contribution, DC) . Nagenoeg alle bedrijfstakpensioenfondsen konden als een DC-regeling worden gekwalificeerd, evenals een groot aantal verzekerde regelingen. Voor de DB-regelingen gold dat er periodiek een actuariële berekening gemaakt diende te worden volgens de Projected Unit Credit methode.
2.    De ontwerp-Richtlijn gaat uit van een ‘verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering’. Het gaat hier om de verplichting die voortvloeit uit financieringsafspraken zoals vastgelegd in de uitvoeringsovereenkomst tussen de werkgever en de pensioenuitvoerder. Onder pensioenuitvoerder worden zowel pensioenfondsen als verzekeraars verstaan.
3.    De rechtspersoon dient de aan de pensioenuitvoerder te betalen reguliere premie over de verslagperiode als pensioenlast in de winst- en verliesrekening te verantwoorden. Voor zover de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie nog niet is voldaan, dient deze als verplichting op de balans te worden opgenomen. Indien de reeds betaalde premiebedragen de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie overtreffen, dient het meerdere te worden opgenomen als een overlopend actief voor zover sprake zal zijn van terugbetaling door de pensioenuitvoerder of van verrekening met in de toekomst verschuldigde premies. Dit sluit aan bij de praktijk zoals die voor 2005 van toepassing was en komt overeen met de behandeling van toegezegde bijdrageregelingen onder de huidige Richtlijn 271.3.
Klik hier om verder te lezen.