HOME VOOR WIE ADVIESDIENSTEN NIEUWS KLANTEN CONTACT





Nieuws

Op 9 oktober 2014 hebben we onderstaande vragen gesteld aan het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen ten aanzien van de toch niet zo eenduidige regelgeving inzake de knip in het (risico) nabestaandenpensioen bij overgang naar het Witteveen 2015 kader.

In 2015 moeten de pensioenregelingen worden aangepast aan het Witteveenkader 2015. Dat kan ertoe leiden dat er per 1 januari 2015 een knip moet worden toegepast in de verwerving van de pensioenaanspraken, dus zowel op opbouw- als op risicobasis gefinancierd. Voor de pensioenen op risicobasis is in het besluit van 23 september 2014, nr. BLKB2014/1702M, goedgekeurd dat daarin op 1 januari 2015 een knip wordt aangebracht. De vraag is hoe deze knip in de praktijk moet worden uitgevoerd, gelet op de invoering per 2015 van een geïndexeerd maximum pensioengevend salaris van € 100.000. Dat betreft juist de gevallen waarin het pensioengevend salaris van een deelnemer aan een eindloonregeling in 2014 hoger is dan € 100.000.

1) Als het gaat om opbouwpensioenen in een eindloonregeling: kan de Witteveen-knip 2015 op dezelfde wijze worden berekend en uitgevoerd als de Witteveen-knip 2004 volgens het Besluit Knip in de opbouw van pensioenrechten(besluit van 26 juni 2003, nr. CPP2003/1406M)? onder punt 4. Zo niet, hoe dan wel?
2) Als het gaat om pensioenen op risicobasis (partner- en wezenpensioen) in een eindloonregeling: kan de Witteveen-knip 2015 op dezelfde wijze worden berekend en uitgevoerd als de knip voor de pensioenen op opbouwbasis? Zo niet, hoe dan wel?

Toelichting op de vraag:
De stijging van het gemaximeerd pensioengevend salaris na 2015 met de ‘contractlooncorrectiefactor’ heeft namelijk tot gevolg dat bij toepassing van de zuivere eindloonmethodiek, er over een deel van het inkomen dubbele opbouw/dekking voor het NP ontstaat, tenzij de aangroei moet leiden tot een verlaging van het op grond van het besluit van 26 juni 2003 vastgestelde excedent (“invreten”). Dit punt blijkt na een rondje vragen bij enkele verzekeraars nog niet te zijn opgemerkt en zal, is onze verwachting, tot onoplosbare administratieve uitdagingen gaan leiden als de verlaging van het excedent jaarlijks moet worden vastgesteld.

 

Voor vakartikelen van LNBB actuarissen + pensioenconsultants in de vakpers, klik hier